Deze longread schreef ik in 2019. Toen vond ik de inhoud te somber en de kijk te speculatief. Daarom heb ik dit stuk toen niet gepubliceerd.
Inmiddels (begin 2026) vind ik deze tekst somber noch speculatief. Want de narigheid waarin we inmiddels terecht zijn gekomen (Oekraïne, Gaza, TrumpII) is veel groter dan ik toen (ten tijde van TrumpI, Brexit) voorvoelde – maar wat ik niet kon, beter: niet wilde, geloven. Ik vrees dat ik de toekomst beter voorvoelde dan me lief was.
'De dag die je wist dat zou komen.' Het recht van de sterkste is weer terug (Uhhh... Was het ooit weg?). Kracht, geweld en macht is wat nu telt. De internationale rechtsorde bestaat niet meer (Ook hier: Bestond ie dan?!).
Hoe het ook zij, ik geloof nog steeds in een betere wereld. Maar voorlopig gaan we door een dal – een dal dat steeds dieper wordt. En niemand weet hoe gek, en hoe naar het nog moet worden – voordat we met elkaar de weg omhoog weer vinden.
Ik vraag me wel af of ik het nog ga meemaken – vrees van niet. Maar mijn kinderen wel. Reken maar. Ondertussen, is dit The Dark Before the Dawn? Want alle narigheid gaat ook weer voorbij. Maar ten koste van wat?
Tobias Stone, in: Huffington Post
Een dagelijkse observatie. Een automobilist stopt voor een voetganger of fietser. Het hoeft niet, want de auto heeft voorrang – maar stopt toch. En een andere automobilist, die nog gauw even voor iemand langs schiet.
Het gebeurt allebei, en vaker: vriendelijk gedrag, dagelijks altruïsme, ongevraagd en onverplicht; tegelijkertijd: onvriendelijk gedrag, een egoïstische houding. Een aardige afspiegeling van de stijgende maatschappelijke spanning?
Op weg naar een schitterende toekomst, maar eerst dit
Gloort een volgende stap, wereldwijd? Meer betrokkenheid, meer begrip? Meer medemenselijkheid? Najaar 2018 zat een meisje in haar eentje voor het Zweedse parlement. Een jaar later zijn er door haar voorbeeld wereldwijd klimaatmarsen.
Zou het echt? Broederschap, het vergeten kind van de Franse Revolutie, gaat eindelijk meedoen? Vrijheid en gelijkheid blijven holle frasen zonder de onderlinge verbondenheid van broederschap. Komt die er aan?
Of gaan we, voor die andere tijd aanbreekt, nog wat meemaken? De vorige periode van ontwikkeling en groei werd vooraf gegaan door neergang en vernietiging. Holocaust, atoombommen, vijftig miljoen doden in de Tweede Wereldoorlog.
‘Alleen van een existentiële ervaring kun je leren, die kun je niet overdragen. Iets leren van de Tweede Wereldoorlog beperkt zich derhalve tot de generatie die hem bewust heeft meegemaakt.’
– Hermann von der Dunk, NRC 4/5 februari 2017
Vrede en vrijheid, en geen idee hoe dat komt
We hebben vijfenzeventig jaar geleefd in een relatief vredige tijd. En we zijn twee, drie generaties verder. Hoe zit het ook alweer? Waarom zijn we welvarender en gezonder zijn dan ooit? Weten we nog hoe het komt?
Opa’s en oma’s die kunnen vertellen over de verschrikkingen van oorlog zijn er nauwelijks meer. Wat er kan gebeuren wanneer mensen tegen elkaar opgezet raken, wat de gevolgen zijn van uitsluiting – we hebben geen idee.
‘Het was (in de jaren 1890) voor de mensen al zo lang geleden dat ze een grote oorlog hadden meegemaakt. Dat droeg eraan bij dat ze zich de Eerste Wereldoorlog in lieten rommelen.’
– Beatrice de Graaf, NRC 4/5 februari 2017
Ongelijkheid, migratie en klimaat
Grootschalige migratie is een dagelijkse werkelijkheid geworden. Vluchtelingen uit het Midden-Oosten en verder weg zoeken veiligheid in Europa en Noord-Amerika. Jonge mensen in Afrika en Zuid-Amerika hongeren naar de welvaart van het noordelijk halfrond.
De wereldwijde behoefte aan westerse welvaart leidt tot klimaatverandering, inmiddels de grootste bedreiging voor de mensheid. Lastig te bevatten, en nauwelijks te overzien. Want we weten niet waar het kantelpunt ligt – dus ook niet of we er al voorbij zijn.
Angst voor verlies, angst om te delen
Ondertussen groeit de angst, met name in het niet alleen vrije en welvarende, maar ook vergrijzende Westen. Angst voor verlies van wat er is opgebouwd. 'Verliesaversie': angst dat we kwijtraken waar we steeds meer aan zijn gaan hechten – onze vrijheid en onze welvaart.
Ondertussen groeit de angst, met name in het vrije, welvarende en vergrijzende Westen. Angst voor verlies van wat er is opgebouwd. 'Verliesaversie'.
Maar er is meer. Het is ook angst om te delen, weerstand om anderen te gunnen wat wij hier hebben vergaard. En angst om verantwoordelijkheid te nemen, te erkennen dat we leven ten koste van anderen (goedkope arbeid) en ten koste van de planeet (voetafdruk).
Wanneer je je bedreigd voelt ga je je je verdedigen, en als het nodig is dan kies je de aanval. Je zet je stekels overeind, of je slaat om je heen. Het is een kwestie van biologie. Instincten en feromonen nemen het over. Je doet alles om te overleven.
Optimisme en pessimisme
Er groeit een tegenstelling: tussen mensen die zich opgewassen voelen tegen het leven, er zin in hebben en geloven dat het beter kan worden (vaak hoogopgeleid), en mensen die daar niet (meer) in geloven en bang zijn dat ze niet meer meedoen (bijvoorbeeld de gele hesjes, protesterende boeren en bouwers).
De ene groep is optimistisch en gelooft in een betere toekomst, omdat ze gelooft in zichzelf en in het potentieel dat ze zelf bezit, terwijl de andere groep een stuk minder opgewekt mens- en wereldbeeld heeft.
‘We hebben zoveel te verliezen. Dan ben je niet in the mood om dingen te veranderen. Je wilt juist dat alles hetzelfde blijft.'’
– Philipp Blom, NRC 17/18 juni 2017
Die tegenstelling lijkt langs lijnen van opleiding te lopen. Zie in Nederland de groei van D66 (groot onder grootsteedse hoogopgeleiden) en de populariteit van GroenLinks en Partij voor de Dieren (groot onder studenten) – terwijl de FvD-, PVV- en 50plus-stemmer vaker laagopgeleid is.
Maar ook in Nederland zijn er genoeg hoogopgeleiden die vallen voor de sombere kijk van Forum voor Democratie en zijn er voldoende laagopgeleiden met een opgewekt mens- en wereldbeeld. Er is meer aan de hand dan een opleidingskloof.
Vertrouwen en wantrouwen
In gesprekken met mensen valt mij steeds vaker op: heb je meer of minder vertrouwen in het leven. Onder ‘het leven’ versta ik: jezelf, de ander, de mensheid, met inbegrip van de ervaring ‘dat het goed komt’.
Mensen met een opgewekte kijk op het leven zijn geneigd anderen te vertrouwen, minder opgewekte mensen neigen naar wantrouwen.
Sommigen stoelen hun mens- en wereldbeeld nadrukkelijk op een geloofsovertuiging (variërend van ‘Iets’ tot ‘God’), maar niet noodzakelijk – het kan ook een humanistische levensbeschouwing zijn.
Wat mij treft is dat mensen met een opgewekte kijk op het leven eerder geneigd zijn anderen te vertrouwen (wat iets anders is dan naïviteit), terwijl minder opgewekte mensen meer neigen naar wantrouwen. (Zie ook Sociaal en Cultureel Planbureau)
De rol van toeval
Een meer of minder positief mens- en wereldbeeld, waar komt dat vandaan? Kun je daar iets aan doen? ‘Kun je dat kopen dan?!’ Hier raken we aan de manier waarop we in elkaar zitten. Wat je meebrengt en wat je hebt meegemaakt.
Maar hoe je gebakken bent, en wat je oploopt – daar ga je toch niet over? Het leven overkomt je. Je denkt van alles te sturen en in de hand te hebben. Tot dat het leven je trakteert op gebeurtenissen waar je niet om vraagt.
Het leven hangt van toeval aan elkaar. Wat je meemaakt en bereikt, het overkomt je.
Tegenslagen maken je aanvankelijk misschien opstandig, maar uiteindelijk stemt het nederig. Even zo goed kunnen meevallers je aanvankelijk trots maken, tot dat je gaat begrijpen dat het meestal niet jouw verdienste is.
Het leven hangt van toeval aan elkaar. Wat je meemaakt en bereikt, het overkomt je. Je studie, je werk zijn vaak de uitkomst van toevalligheden, een samenloop van omstandigheden. Je belangrijkste relaties deed je bij toeval op. En je ouders, je kinderen – je krijgt ze.
Wiens verdienste?
Wat je bereikt in je leven is ook maar zeer betrekkelijk jouw verdienste. Je salaris of omzet? Een ander betaalt het. Jouw top tien-hit? Een ander koopt jouw muziek. Jouw verkiezingssucces? Een ander stemt op jou.
Je denkt van alles te sturen en in de hand te hebben. Tot dat het leven je trakteert op gebeurtenissen waar je niet om vraagt.
Zo ook de vrede, vrijheid en welvaart in het Westen. Onze vrede, vrijheid en welvaart, die zo nauw samenhangen – vrede is een voorwaarde voor welvaart, en zonder vrijheid kun je daar niet van genieten.
Die vrede, vrijheid en welvaart hebben we te danken aan degenen voor ons. Die ook weer voortbouwden op wat er al was. Materieel, en ook immaterieel. Bijvoorbeeld het inzicht dat vrede, vrijheid en welvaart samenhangen.
Hoe goed we het nu hebben is maar zeer betrekkelijk onze eigen verdienste. We hebben domweg geluk gehad. Heel veel geluk. Met waar we geboren zijn, hoe we zijn opgeleid, de kansen die we gehad hebben. Of heb jij een kaartje voor het feestje hier besteld?
Betere leefomstandigheden
Anderen willen die kansen ook graag hebben. Zeven miljard mensen hebben het minder goed dan wij. Omdat ze dom zijn? Omdat ze lui zijn? Ze hebben het gewoon minder goed getroffen. Dat is alles.
Hoe goed we het nu hebben is maar zeer betrekkelijk onze eigen verdienste. We hebben domweg geluk gehad.
Betere leefomstandigheden (basics als riolering, een verbod op kinderarbeid, goed onderwijs, goede gezondheidszorg, huisvesting en sociale zekerheid) geven betere kansen en leiden tot meer welvaart – als vanzelf.
Die betere leefomstandigheden voor iedereen vormen de sleutel naar vrede en welvaart. We weten het, en we hebben er ons huidige leven aan te danken. Het grootste deel van onze overgrootouders leefde in armoede.
Bang om te delen
Inmiddels lijken we bang om te delen wat we hebben. Omdat we bang zijn dat er dan niet genoeg over blijft? Terwijl we zoveel hebben? Kunnen we misschien niet genoeg meer ervaren hoe goed we het hebben?
Hoe dan ook, eigenbelang lijkt normaal te worden. Bereikt het ‘Ik-tijdperk’ uit de jaren ’70 dan nu pas zijn hoogtepunt? Assertieve babyboomers lijken daarin voorop te lopen – en het verkeerde voorbeeld te geven.
Verbaasd en verbijsterd
Jonge mensen lijken verbaasd en verbijsterd te zijn. Dat Trump echt gekozen is. Dat de Brexit echt door gaat. Dat Russen, Turken en Brazilianen vrijwillig kiezen voor een autocraat. Dat in Europa rechts-radicaal echt is doorgebroken.
‘De kloof ligt niet meer tussen rechts en links, maar tussen patriotten en mondialisten.’
– Marine Le Pen, NRC, 5 februari 2017
Jonge mensen komen erachter dat vrede, veiligheid en welvaart niet vanzelf gaan. Blijkbaar kun je dat op school niet leren. Zelfs in Duitsland, ondanks alle geschiedenislessen op school, komt het nationalisme en racisme weer op.
‘Het draait tegenwoordig volgens mij niet meer om links en rechts, maar om progressief tegenover conservatief; een open maatschappij tegenover een gesloten, nationalistische maatschappij. Je moet een verhaal creëren dat voorbij het populisme gaat en met een positieve blik naar de toekomst kijkt. Hij lijkt tegenwoordig wel of iedereen bang is voor wat komen gaat. Ik kijk juist uit naar het jaar 2050.’
– Flavia Kleiner, Operation Libero, in: VPRO Tegenlicht
Uitsluiten en onderdrukken, het werkt niet
Muren bouwen, mensen uitsluiten en opsluiten, zelfs vernietigen. Het heeft nog nooit gewerkt. Op korte termijn ben je af van mensen die je niet wilt. Maar het is de dood in de pot. Letterlijk en figuurlijk. Geen enkele dictatuur redt het.
Andersdenkenden onderdrukken is verleidelijk. Onder gelijkgezinden voelt het comfortabeler en veiliger. Maar het is ook benauwend en brengt geen vernieuwing. ‘Neue Kombinationen’ doen zich dan niet meer voor.
Irrationeel proces
We leven in een geglobaliseerde wereld. Dat valt niet terug te draaien. Het is een proces dat hoort bij de ontwikkeling van de mensheid. Dit is al tienduizend jaar gaande. Op steeds grotere schaal, dat is alles.
Onder gelijkgezinden voelt het comfortabeler en veiliger. Maar het brengt geen vernieuwing. ‘Neue Kombinationen’ doen zich niet voor.
We weten dat vertrouwen ons vrede, veiligheid en welvaart brengt. En dat wantrouwen leidt tot dictaturen die vroeg of laat ten onder gaan. Meestal ten koste van veel ontberingen, lijden en dood.
En terwijl we het weten handelen we anders. We zetten onszelf voorop (‘America First’, 'Take back control') en gaan ongemerkt af op een keiharde confrontatie. Volkomen irrationeel. Dit gaat alleen maar verlies opleveren, en het lijkt niet te stoppen.
Next level
Leven is eng. Het leven is vol risico’s. En het lijkt wel: hoe beter we het hebben, hoe banger we worden. Bang om kwijt te raken wat we hebben? En het paradoxale is misschien wel: dat gebeurt dan dus ook.
Blijkbaar moeten we hier doorheen met z’n allen. Tot we weer bij zinnen zijn gekomen. Ik vrees van wel, maar dan hoop ik wel op een ander niveau, next level graag. De grote lijn wijst erop, de wereld wordt veiliger, mensen welvarender, het leven vrediger.
Blijkbaar moeten we hier doorheen met z’n allen. Tot we weer bij zinnen zijn gekomen.
Er lonkt een andere, betere wereld, waarin de huidige ongelijkheid (een handvol mensen bezit de helft van onze rijkdom) afneemt en we gaan leren om te delen wat we hebben. Waarin duurzaamheid het uitgangspunt is – omdat we anders domweg dood gaan.
Die nieuwe wereld ontstaat niet vanzelf. Er zijn genoeg mensen voor nodig die dat echt willen, een kritische massa. Zoals er na de Tweede Wereldoorlog genoeg mensen opstonden die wilden werken aan een verenigd Europa en geloofden in iets vaags als de Verenigde Naties.
Uitwoeden
‘De weg naar de top gaat door het dal.’ Een tegeltjeswijsheid, en daarom niet minder waar. Net als in een mensenleven: hoogtepunten worden vooraf gegaan door dieptepunten – en vaak is er een verband tussen die twee.
Zover is het nog niet. Nog teveel eigenbelang. Jezelf voorop zetten zorgt vanzelf voor een reactie, omdat de ander, eveneens uit angst, zichzelf ook voorop gaat zetten. En zo krijg je geweld, oorlog – onvermijdelijk.
Moet er eerst iets uitwoeden? En om in die beeldspraak te blijven: een brand is pas over wanneer er geen brandstof meer is (of geen zuurstof). Is er een brand nodig die ons weer bij zinnen brengt, om weer te ontdekken wat werkelijk telt?
We hebben elkaar nodig
We kunnen het niet alleen, we hebben elkaar nodig. We zullen het hier met elkaar moeten rooien, en dat lukt alleen als we gaan ervaren wat het oplevert om samen te werken en samen te leven, hoe moeilijk ook.
We kunnen het niet alleen, we hebben elkaar nodig.
Om te kunnen delen is het nodig om te weten en voor jezelf te erkennen dat we allemaal bang zijn. We zijn bang om te delen, omdat we als mensen nu eenmaal bang zijn om tekort te komen of kwijt te raken wat we hebben.
Open blijven staan
Wat kunnen we ondertussen doen? Blijven praten, met iedereen, en niemand afschrijven. Open blijven staan, en weten: bange mensen doen nare dingen, want mensen zijn nu eenmaal tot rare dingen in staat wanneer angst in het spel is.
Wijzen naar de ander is een gebruikelijke reactie, ‘Hullie!’ is een bijna biologische reflex. Denken in tegenstellingen, en dus ook polariseren, lijkt ons aangeboren. Terwijl een glimlach een ander kan doen ontdooien, en de wereld kan veranderen.
Aan de slag, het komt niet vanzelf goed
Wie weet hebben we geleerd van de geschiedenis, kunnen we het tij keren en hoeft het in deze nieuwe eeuw niet zo ver te komen als in de vorige – blijft een volgende wereldoorlog ons bespaard.
Het gaat weer ergens over. Klimaat, migranten en ongelijkheid kunnen ons wakker maken. Er is weer iets om voor te gaan: een gezamenlijke toekomst, gestoeld op eerlijk delen. Noem het broederschap, noem het liefde.