Vreemdelingen houden ons een spiegel voor.
Hoe goed we het hier hebben – en hoe normaal we dat vinden.
Andre Meiresonne
23-10-2017

Reizen helpt je om je leven in een ander perspectief te zien. Kunst kan je een nieuwe kijk geven. Kunst kijken in een vreemde omgeving werkt dubbelop. En als die kunst dan gemaakt is door vreemdelingen in een hen vreemde omgeving levert dat een driedubbele beleving op. Kunst die mij deed beseffen hoe dankbaar ik mag zijn.

Dat overkwam me afgelopen zomer op de Documenta 14 in Kassel, Duitsland. Een paar uur rijden en je bent echt ergens anders. Andere taal en andere gewoontes, andere problemen en andere reacties. Documenta 14 stond in het teken van de vreemdeling. Een gevoelige punt in Duitsland, waar over vluchtelingen tegenstellingen bestaan waar die in Nederland klein bij afsteken.

De grote trekker was een kopie van het Atheense Parthenon. Op ware grootte. Niet gebouwd van marmer, maar van staal en plastic folie. En gevangen in het folie zaten duizenden boeken. Boeken die in andere, met name niet-westerse landen verboden zijn. Van Harry Potter tot de Bijbel, van Karl Marx tot Anne Frank. En ik besefte weer in wat een luxe we leven. De luxe van vrijheid.

Twintig op elkaar gestapelde rioolbuizen. Piepkleine behuizingen, voor mensen zonder verblijfplaats. Inclusief koffiepotje.

Aan de andere kant van de Friedrichsplatz was een minder groots en uitbundig werk. Meer ingetogen, stil in een hoek en des te indrukwekkender. Twintig op elkaar gestapelde rioolbuizen. Met daarin piepkleine behuizingen, voor mensen zonder verblijfplaats. Slaapkamertjes, keukentjes, een bibliotheekje, een badkamertje. Horizontaal te betrekken. Inclusief IKEA koffiepotje. 

Deze sculptuur van rioolbuizen was een werk van de gevluchte Iraaks-Koerdische kunstenaar Hiwa K. De voornaam Hiwa betekent ‘hoop’. Precies wat zijn kunstwerk uitdrukte: de hoop op een betere wereld. Het verlangen van mensen naar beschutting en beschaving. En van veerkracht. De inspiratie was hoogstpersoonlijk. Op zijn vlucht naar Europa had hij overnacht in rioolbuizen.

Hoop op een betere wereld. Verlangen naar beschutting en beschaving. En een teken van veerkracht.

Iets verderop, op de Köningsplatz, een steen des aanstoots. Een obelisk die heftige reacties opriep. We kennen de obelisk als symbool van macht en overwinning. Nu een monument van nederigheid en dankbaarheid. In het Duits, Engels, Turks en Arabisch stond erin gegraveerd: ‘Ik was een vreemdeling en gij hebt mij geherbergd.’ De woorden van Jezus, in Matteus 25.

De obelisk is een werk van de Nigeriaans-Amerikaanse kunstenaar Olu Oguibe, als kind gevlucht uit Biafra. Het was zijn ode aan de Duitse gastvrijheid, in 2016 nam Duitsland meer dan een miljoen vluchtelingen op. De plaatselijke AfD noemt het werk ‘entstellter Kunst’, vervormde kunst. En ja, dat doet direct denken aan ‘entartete Kunst’, die gure Nazi-term uit de jaren dertig.

We hebben het zo goed, en vinden dat zo normaal. En doen ook nog alsof we er veel voor hebben gedaan.

Vreemdelingen houden ons een spiegel voor. Hoe goed we het hier hebben, en hoe normaal we dat vinden. En ook nog doen alsof we er veel voor hebben gedaan. Terwijl de vrijheid en de welvaart de meesten van ons gewoon in de schoot geworpen zijn. Mij stemt dat dankbaar. En dan beaam ik graag het advies van de apostel Paulus: ‘Wees te allen tijde blij en dank God in alles.’